Column

De tirannie van de passie

vanessa_hudgens_and_drew_seeley_6-1

Het is het motief van vrijwel iedere tienerfilm: Een knappe jongen heeft een passie voor dansen (net als toevallig het knappe meisje op wie hij verliefd is) maar zijn vader vindt dat hij een vak moet leren. Op het laatste moment besluit hij tegen alle verwachtingen in toch zijn dromen te volgen, blijken er een paar scouts in het publiek te zitten en wordt hij wereldberoemd.

Hoewel de gemiddelde Volzin-lezer zijn inspiratie waarschijnlijk niet uit High School Musical haalt, krijgt ook u dagelijks dergelijke succesverhalen in uw gezicht geworpen. De inspirerende zangeres die doorzette ondanks dat haar zangleraar zei dat ze als een geit klonk. De ondernemer die succesvol werd met het volgen van zijn passie – die blijkbaar bestond uit het maken van biologisch afbreekbare jampotjes.

Ik word er een beetje moe van. Ten eerste wordt het zeldzame succesverhaal (onterecht en vaak veel te rooskleurig) weergeven als iets dat voor iedereen binnen handbereik ligt wanneer je maar hard genoeg werkt. Ten tweede wordt het zelfs tot norm verheven: je moet je passie vinden en volgen, je dromen waarmaken, pas dan is je leven geslaagd. Niet zo vreemd dat mijn generatie massaal aan keuzestress lijdt.

Ik vraag me af hoe gelukkig de creatieve ondernemer die keihard moet werken om zijn mededromers steeds een stapje voor te blijven écht is. Waren de offers die je in naam van je passie hebt moeten brengen het waard? Kun je eigenlijk nog wel van je passie genieten als je er eenmaal ook je brood mee moet verdienen? En waar zijn de verhalen van de musicalsterren die na hun dertigste nergens meer aan de bak komen, de gefaalde ondernemers die met lege handen staan omdat ze net als Steve Jobs hun school nooit hebben afgemaakt?

Sinds enkele weken ben ik naast eeuwig student ook postbode. Een paar uur per week fiets ik in m’n oranje polo fluitend door de straten en overdenk ik het leven terwijl ik hier en daar een stapeltje brieven in de bus gooi. Tijdens het fietsen vraag ik me regelmatig af waarom ik eigenlijk nog aan dit vreemde passiespel meedoe, waarom ik al acht jaar aan het studeren ben. Waarom koop ik niet gewoon een eenvoudig appartementje en ga ik twintig uur per week aan de slag als postbezorger? Blijft er genoeg vrije tijd over voor al mijn ‘passies’.