In gesprek met een liedje

Liever te dik in de kist

Als men mij vroeg of ik geloofde, antwoordde ik meestal dat ik mij het best liet categoriseren als gedesillusioneerde dromer die zich met het verliezen van de hemel volledig op de aarde had gestort. Dat klinkt allemaal heel nieuw en postmodern enzo, maar het is natuurlijk niets anders dan het bij de oude Grieken reeds aanwezige hedonisme. Een andere verwoording van mijn geloof dacht ik recentelijk tegen te komen bij de kleedkamerhit ‘Liever te dik in de kist’. Het volkslied der platvloers hedonisten zal u ongetwijfeld wel eens ter ore zijn gekomen, of op zijn minst het refrein:

liever te dik in de kist, dan weer een feestje gemist. Het maakt niet uit, je hoeft hem zelf toch niet te dragen.

De rest van de inhoud laat weinig aan de verbeelding over, maar zal ik toch kort uiteenzetten: Stef Ekkel bezingt hoe zijn ongezonde gewoonten – die voornamelijk bestaan uit vet eten, drinken en roken – het hem tamelijk onmogelijk te maken te functioneren in het dagelijks leven. Maar dat maakt allemaal niet uit, want… en dan volgt de hierboven reeds geciteerde levenswijsheid die alles weer rechtvaardigt. Erg prettig om mee te zingen terwijl je jezelf al de hele avond aan het volgieten bent met bier, want je hebt meteen een existentiële onderbouwing voor je levenskeuzes.

jalalalalalala jalalalalalala jalalalalalalalalalalalaila

Pasgeleden hoorde ik het lied echter voor het eerst in nuchtere toestand. Plots werd ik geraakt door de existentiële leegte tussen de regels van het lied door. Dit is geen hedonisme meer, geen liefde voor het aardse genot, dit is een masker voor het onvermogen iets van het leven te maken, een lofzang op het wegvluchten in voedsel en drank. Ben ik echt zo cynisch geworden dat ik die lofzang ieder weekend vol overtuiging en met tranen in mijn ogen – als Lady Gaga en de Star-Spangled Banner op de Superbowl – kan meezingen? Zijn wij allemaal blijkbaar tegenwoordig zo cynisch dat ‘liever te dik in de kist’ het nieuwe levenslied heeft kunnen worden?

Wat is er gebeurd met de Frans Bauers en Marianne Webers van weleer? Waar zijn de ‘onsjes geluk’ en de ‘schrijf me nooit geen mooie brieven meer’ van deze tijd? Het wordt hoog tijd voor een nieuw levenslied waarin het leven weer op waarde wordt geschat. Wellicht een idee voor de vers afgestudeerde humanistici die net de arbeidsmarkt betreden